Over leven

Recensie - © Cees van der Boom
Recensie - © Cees van der Boom

Kerry Egan :

 

“Over leven”

 

“Levenslessen met de dood voor ogen”

 

Introductie

 

“Kerry Egan is geestelijk verzorger in een hospice. Vol aandacht luistert ze naar de verhalen van de mensen die stervende zijn en terugblikken op hun leven,” lees ik op de achterflap.

 

Indeling

 

Het boek start met ‘Onze verhalen’ en is een introductie voor Kerry en hoe ze tot dit boek komt. Daarna lees je verhalen van stervenden die met haar in gesprek zijn.

 

Onze verhalen

 

“Wijs ben ik nooit geworden. Je denkt altijd dat je met het ouder worden ook wijzer wordt. Maar nu lig ik hier te wachten op de dood, zonder ooit wijs te zijn geworden.” Gloria zegt dat ze steeds hoopte dat ze een schrijver zou ontmoeten zodat zij haar verhaal kon vertellen, zodat andere mensen die konden lezen en ze niet dezelfde fouten zou maken als dat zij deed. {p 10}

 

Voor Kerry is dit eerst ongemakkelijk: “Ik zat hier niet als auteur. Gloria was een patiënt in een hospice en ik was haar geestelijk verzorger.” {p 11} Ze onthult dan aan Gloria dat ze vroeger schrijver was.

 

Gloria reageert dan heel enthousiast: “Een echte schrijver? … Zo’n schrijver die een boek schreef?” Ze tilt haar handen op, kijkt naar het plafond en zegt dan stuiterend: “O, ik heb al die tijd uitgekeken naar een man! … Dit is het antwoord. Ik voel het! De Heilige Geest heeft je naar me toegestuurd. Ik heb je al mijn verhalen al verteld … Beloof me dat je mijn verhalen zult opschrijven.” {p 12}

 

Het is de belofte aan Gloria die uiteindelijk tot dit boek leidde.

 

“Vaak, maar niet altijd, vonden mijn patiënten een zekere vrede tijdens de gesprekken. Vaak, maar niet altijd, ervoeren zij bevestiging van hun geloof in iets wat goed was en groter dan zijzelf. Vaak, maar niet altijd, vonden ze een kracht die ze niet voor mogelijk hadden gehouden, maar die hen hielp om dingen recht te zetten met bepaalde mensen in hun leven. Die kracht hielp hen om moedig en onbevreesd hun dood tegemoet te gaan. Maar altijd leerde ik iets van hen …

 

De patiënten vertelden me die verhalen, soms een of twee keer, soms tientallen keren opnieuw … De betekenis die ze in hun verhalen ontdekten werd groter en kreeg een andere focus. Bijna altijd gingen hun verhalen over schaamte, verdriet of trauma …

 

Ik weet niet of je wijs kunt worden door te luisteren naar de levensverhalen van mensen die gaan sterven, maar ik weet wel dat ze je ziel kunnen genezen. Dat weet ik omdat ze mijn ziel hebben genezen.” {p 13}

 

Ze verhaalt dan over de patiënt die geen anus meer heeft en niet gezien werd in het ziekenhuis en reageert daarop met: “Wat je nodig had was begrip, maar in plaats daarvan kreeg je medelijden.” De mevrouw reageert daarop: “Je bent nog jong. Wat weet jij van deze dingen?” Voor Kerry wordt het dan ongemakkelijk en het liefst wil ze wegrennen. Toch zegt ze: “Ik weet hoe medelijden voelt.” {p 15}

 

De mevrouw is dan erg geïnteresseerd - Kerry vertelt niet wat ze meemaakte - en pakt haar hand: “Wat er ook voor erge dingen in je leven zijn gebeurd, wat voor afschuwelijks je ook hebt meegemaakt, er zijn drie dingen die je moet doen. Ten eerste. Je moet het accepteren. Ten tweede. Behandel het met zachtheid. Ze sprak langzaam en kneep mijn vingers bijna fijn. Ten slotte. En luister nu goed, je moet het zacht voor jou laten zijn.” {p 16}

 

Kerry beschrijft dan wel wat ze meemaakte en hoe ingrijpend dat voor haar was en ook dat ze sinds dat gesprek altijd met haar woorden bezig is gebleven.

 

Ze beschrijft ook de moeite om aan mensen uit te leggen wat ze nu doet als geestelijk verzorger. Eerst in gesprek met haar zoontje die reageert met: “Je zorgt dat mensen sterven zodat ze naar de hemel kunnen;” {p 18} een deelneemster bij een boekenclub: “We zijn een deel van het hospiceteam en hebben de taak om spirituele zorg en bijstand te bieden aan patiënten, hun familieleden en de staf” {p 19} “Maar het is heel moeilijk om te beschrijven wat we doen.” {p 23}

 

Broedplaats van liefde

 

Dat komt ook terug in het volgende verhaal: “Toen ik nog met mijn theologische opleiding bezig was en net voor het eerst stage liep bij een ziekenhuis voor kankerpatiënten, vroeg een professor mij eens naar mijn werk. Ik was 26 en nog aan het leren wat een geestelijk verzorger allemaal doet. ‘Ik praat met de patiënten,’ zei ik tegen hem.

 

‘Je praat met de patiënten? Vertel eens waar zieke mensen die binnenkort zullen overlijden over praten met de zielzorger in opleiding?’ vroeg hij …” Ze voelde zich geïntimideerd en er volgden nog meer vragen.

 

Een week later vertelde hij dat smakelijk in een volle collegezaal: ‘Ik vroeg haar: Wat doe je precies als geestelijk verzorger?’ En ze antwoordde: ‘Ik praat met mensen over hun familie.’ Hij zweeg om zijn woorden meer impact te geven: ‘En dat was hoe deze student tegenover het geloof stond. Zo diep ging het spirituele leven van deze persoon! Praten over de familie van andere mensen!’

 

Haar medestudenten lachten om deze oppervlakkige student. {p 33}

 

“Als je me nu, vijftien jaar later, dezelfde vraag zou stellen … zou ik hetzelfde antwoord geven: Ze praten meestal over hun gezin, hun vader, moeder, hun zoons en dochters.

 

Ze praten over de liefde die ze ontvangen hebben en de liefde die ze hebben gekregen. Vaak spreken ze over de liefde die ze niet hebben gekregen of de liefde die ze niet konden geven omdat ze niet wisten hoe. Of over de liefde die ze hebben onderdrukt …

 

Wat ik nu tegen de professor zou zeggen is dat mensen met de geestelijk verzorger over hun verwanten praten omdat dat de manier is om over God te praten.” {p 34}

 

Mijn conclusie

 

Dit boek begint met de zoektocht van Kerry naar wat nu een geestelijk verzorger doet. Op zich een heldere vraag maar of dat nu zo van belang is? ‘Er zijn’ vind ik al een duidelijk antwoord.

 

Toch is het boeiend om even verder op onderzoek te gaan. Op ‘youchooz.nl - uitleg over beroepen – lees ik:

 

“Mede door de ontkerkelijking in Nederland  is geestelijk verzorger een beroep in ontwikkeling.

Als geestelijk verzorger in een zorginstelling bestaat je hoofdtaak uit de begeleiding van en hulpverlening aan mensen die tijdelijk in een zorginstelling zijn opgenomen of aan mensen die er wonen. De hulp en begeleiding die je biedt, kan gebaseerd zijn op een geloofs- of levensovertuiging, maar dit is niet noodzakelijk. Samen met de patiënt, cliënt of bewoner (of diens familie en vrienden) richt je je op fundamentele vragen over ziekte en gezondheid, dood en leven, en op de verwerking van de situatie waarin zieken en mensen met beperkingen verkeren.”

 

Ik begrijp haar worsteling, zeker als ze dat gesprek heeft met de professor en het vervolg daarop in de collegezaal. Het leidt tot schaamte; ze wordt belachelijk gemaakt en dat doet, begrijpelijk, pijn. Haar ego lijkt gekwetst en dat brengt haar overduidelijk uit haar evenwicht.

 

Jammer! Op de volgende pagina zegt ze dan dat ze 15 jaar later (!) hetzelfde antwoord zou geven. Mooi, maar ook eigenlijk heel jammer dat ze zich daar zo door uit het veld laat slaan en dat dit inzicht zo lang laat wachten.

 

Het boek bevat allerlei mooie, aangrijpende en aansprekende verhalen, zoals dat van Gloria {p 38} Cynthia {p 58} Frank {p 76} en Linda {p 128}. Kerry neemt je bijna letterlijk mee aan je hand en je voelt je onderdeel van dat gesprek, van de ontmoeting en de intieme setting en van wat hen bezighoudt.

 

Toch komt niet in alle verhalen de subtitel zo sterk naar boven: ‘Levenslessen met de dood voor ogen.’ Dat is een kleine kanttekening die ik maak ...

 

Aanbevolen!

 

Zelf lezen?

Over leven

Levenslessen met de dood voor ogen

Kerry Egan

ISBN : 978-90-435-2925-9 1e druk 2018

Uitgeverij Kok

 

© Cees van der Boom

 

Wij maken gebruik van cookies!

Door gebruik te maken van deze website ga je er mee akkoord dat deze website cookies plaatst op jouw apparaat.

Een cookie is een klein tekstbestand dat door de website wordt gebruikt om de website te laten functioneren en je bezoek efficiënt te maken.

Klik op akkoord voor een volledig werkende website, of bekijk eerst de details op de detail pagina alvorens je akkoord gaat.